1. Een sociale stad


Een sociale stad, die zorgt voor zij die het moeilijker hebben.


België is een goed land om in te wonen voor de tweeverdiener. Maar alleenstaanden, gepensioneerden, mensen met een beperking, langdurig zieken hebben het moeilijker om in onze samenleving op gelijke voet te leven.

De kerndoelstelling van het sociaal beleid blijft voor Groen het recht van eenieder op een menswaardig bestaan. Degelijke huisvesting en de aanpak van kansarmoede blijven grote uitdagingen.

Met Groen willen we blijven inzetten op het aanpakken van de armoede. Hiervoor  is een integrale aanpak nodig op verschillende domeinen: financieel (o.a. werk hebben), onderwijs, kwalitatieve huisvesting, gezondheid en insluiting.

Concrete voorstellen:

  • Het aantal sociale koopwoningen verhogen: Eigendom is het beste antwoord op armoede. Jonge koppels en alleenstaanden kunnen een degelijke en betaalbare woning verwerven.
  • Het aanpassen van de gemeentebelastingen (die nu per woning worden bepaald) ten voordele van alleenstaanden, gepensioneerden, ...
  • De prijs voor een verblijf in een woon-zorgcentrum is voor velen finanieel onhaalbaar. De inkomsten van de bewoners zijn ontoereikend om de maandelijkse kost te betalen. De onderhoudsplicht, die kinderen verplicht bij te dragen, zorgt voor spanningen en verdeeldheid bij de familie. Groen wil mensen verbinden, niet uiteen drijven. Groen pleit voor een verlaging van de maximum dagligprijs en de afschaffing van de onderhoudsplicht.
  • Menen is één van de duurste gemeenten om documenten (identiteitskaart, rijbewijs, …) aan te vragen. Het retributiesysteem is een verdoken vorm van belastingen. Het houdt, in tegenstelling tot de gekende personenbelasting, geen rekening met de financiële draagkracht van de aanvrager.  Daarom moet het worden herzien en op het niveau van de omliggende gemeenten worden gebracht.
  • Armoede is vaak verborgen. Voor velen is de drempel naar het OCMW of de gemeente te hoog. Daarom is het belangrijk de toegankelijkheid te verbeteren en de zorg naar buurten te brengen. Opbouwwerkers kunnen het verschil maken in bepaalde wijken.
  • Financiële en logistieke steun leveren aan projecten en initiatieven, die zich richten op de participatie en emancipatie (empowerment) van kansengroepen.
  • inzetten op wijken met een grotere kwetsbaarheid. In de Barakken erkennen we de nood aan twee opbouwwerkers. 

2. Iedereen thuis in Menen


Iedereen thuis in Menen.


De invulling van het begrip “identiteit” maakt meer dan ooit deel uit van de politieke discussie. Wie zijn we? Wat zijn onze waarden? Waar staan we voor? En hoe gaan we lokaal om met migratie? Wat is onze plaats in die snel veranderende wereld.

Menen is een grensstad. Sinds 1713. Het uitzicht van onze stad en de mentaliteit van de Menenaars wordt in belangrijke mate mee bepaald door onze geschiedenis en de verhouding tot onze directe omgeving.

Die omgeving omvat de Leie als natuurlijke grens (met delen van Wevelgem en Halluin), een taal- en gewestgrens (met Mouscron) en een landsgrens (met Frankrijk).

Menen is, als grensstad, per definitie een verzamelplaats van mensen uit verschillende taalgebieden, culturen, achtergronden,....

Die diversiteit is een wezenlijk kenmerk van onze identiteit. Menen Grensverleggend! Dat brengen we in de praktijk door te focussen op wat ons, in de stad en voorbij die grenzen, verbindt en sterker maakt.

We zorgen ervoor dat iedereen zich welkom mag voelen in Menen. We moedigen elke inwoner én elke nieuwkomer aan om Nederlands te praten, zonder het aspect taal te laten primeren op de correcte en adequate dienstverlening, waar elke inwoner recht op heeft.

We zetten in op heel goede contacten met onze buurgemeenten Moeskroen, Halluin, Neuville en Ferrain, Wervik, Wevelgem en Kortrijk. We doen dat onder meer door actief te participeren in Politiezone Leie, Hulpverleningszone Fluvia, cv Leiedal en Eurometropool Kortrijk-Doornik-Rijsel en andere intergemeentelijke of regionale samenwerkingsverbanden.    

We hebben aandacht voor de etnische, culturele en religieuze diversiteit in onze stad. Het stadsbestuur gaat in gesprek en werkt nauw samen met vertegenwoordigers van de erkende geloofsgemeenschappen en levensbeschouwelijke verenigingen en diverse zelforganisaties.
 


3. Participerende burgers


Participerende burgers met sociale verbondenheid.


Mensen maken de stad. Wij zijn ervan overtuigd dat de Menenaars weten wat er anders én beter kan in hun onmiddellijke omgeving. We willen er ook voor zorgen dat mensen elkaar kunnen ontmoeten, samen kunnen  vergaderen, feesten,... in hun buurt.

Daarom  

  • Zetten we in op dorpsraden en wijkcomités. Zij houden de vinger aan de pols in de wijken. Het is belangrijk dat in het maken van beslissingen met hen rekening gehouden wordt.
  • Lanceren we het burgerbudget en maken daarvoor 1 euro per jaar per inwoner vrij. Dat is ongeveer € 200.000 per legislatuur.
  • Burgerwebsite: wie een voorstel heeft om het samenleven te bevorderen, de netheid en de veiligheid van of de kindvriendelijkheid in de publieke ruimte,...te verbeteren, kan dat idee lanceren op een burgerwebsite. Alle inwoners van de wijk of de deelgemeente beslissen welk idee uiteindelijk wordt uitgevoerd.
  • Willen de herbestemming van de Paradijskerk in Rekkem en de Verrijzeniskerk in Lauwe als multifunctionele ruimte annex buurthuis én de realisatie van een nieuw buurthuis in de wijk Barakken. Inwoners en lokale verenigingen kunnen er terecht om er te vergaderen, te feesten,…
  • Zetten we in op een sterk aanbod van vrijetijdsactiviteiten en engagement voor iedereen. Dit gebeurt door een sterk ondersteund verenigingsleven dat aangevuld wordt met een doelgericht aanbod vanuit de gemeente zelf.
  • Hebben we aandacht voor etnische, culturele en religieuze diversiteit in onze stad. Het stadsbestuur gaat in gesprek en werkt nauw samen met vertegenwoordigers van diverse zelforganisaties, erkende geloofsgemeenschappen en levensbeschouwelijke verenigingen.

 



4. Bestuur voor mensen


Bestuur voor mensen (dienstverlening, financiën en veiligheid)


Menen is een stad van 33.000 Menenaars, met een bijzondere eigenheid, die ondermeer bepaald wordt door een taal- en een staatsgrens. Alle Menenaars verdienen onze bijzondere aandacht en een dienstverlening op maat. 

Menen is een Vlaamse stad, die een inclusief beleid voert, ook ten aanzien van migranten en vluchtelingen. We doen er alles aan opdat iedereen zich hier welkom mag voelen. 

Het stadsbestuur en de stedelijke administratie staan in dienst van de Menenaars.  

Politici en ambtenaren nemen de volle verantwoordelijkheid voor een transparant beleid en dienstverlening op maat van iedere burger,  elke wijk of buurt, elke woonkern, met voldoende oog voor nieuwe evoluties en uitdagingen. 

Dat vraagt om een uitgewerkt en ondersteunend personeelsbeleid dat aanmoedigt en vertrouwen geeft zodat het bestuur snel en gepast kan reageren op de uitdagingen van vandaag èn morgen. 

Voor Groen Menen betekent besturen zorgzaam omgaan met publieke middelen. We zetten die in voor beleidskeuzes, projecten en investeringen die het algemeen belang dienen. 

Groen Menen gaat voor:

  • een voltijdse burgemeester en gedreven schepenen;
  • opwaardering van de gemeenteraad door betere ondersteuning van alle raadsleden; 
  • een cultuur van vertrouwen door waardering van de kwaliteiten en de kennis het gemeentepersoneel, gekoppeld aan regelmatige en correcte evaluatieprocedures;
  • een strak meerjarenplan, dat het financieel evenwicht voor ogen houdt;
  • een structurele aanpak van de drugsproblematiek, dat een gevaar vormt voor de gezondheid van de gebruikers en de veiligheid van elke Menenaar;
  • dienstverlening naar burgers in alle deelgemeenten (documenten leggen de weg naar de burger af en niet omgekeerd)
     

5. Slimme mobiliteit


Slimme mobiliteit draagt bij tot meer veiligheid en gezondheid.


De stad moet een zorgzame, veilige en gezonde plaats zijn om te wonen en te leven. Dat betekent dat we staan voor een ambitieus beleid dat keuzes durft maken en vooruitziend is. 

Duurzame, veilige en vlotte mobiliteit wordt daarom één van onze prioriteiten. We staan voor een verkeerscirculatieplan met specifieke aandacht voor de veiligheid van voetgangers en fietsers. 

Groen Menen staat voor de consequente toepassing van het STOP-principe (stappers, trappers, openbaar vervoer, privaat of personenvervoer) bij elk mobiliteitsvraagstuk. 

Dat doen we door

  • in te zetten op meer voetgangers- en fietsersfaciliteiten. Voetgangers en fietsers krijgen voorrang. Zij bepalen het ritme in de stad.
  • onze straten en pleinen goed te onderhouden, met specifieke aandacht voor veilige voetpaden en fietstracés.al het doorgaand verkeer uit de binnenstad en de centra te weren.
  • in te zetten op veiligere schoolomgevingen door de (tijdelijke) invoering van autovrije schoolstraten en eenrichtingsverkeer.
  • de centrumstraten in Menen als fietsstraten in te richten (Kortrijkstraat vanaf Fabiolalaan; Rijselstraat tot Waalvest; Ieperstraat vanaf St. Franciscuskerk; Bruggestraat vanaf Donkerstraat) en dat gegeven als kern van een nieuw circulatieplan voor Menen te hanteren.
  • Lauweplaats terug te geven aan de mensen ipv de auto’s.
  • in te zetten op overleg met de Franse buur Halluin en de bevoegde bovenlokale administraties in functie van de realisatie van de verbinding Avenue Port Fluvial en Wervikstraat, zodat de zogenaamde derde brug van Menen het centrum te ontlast en niet langer alleen particuliere belangen dient.
  • Blue Bike en ‘Bike to work’ (in samenwerking met de Fietsersbond) naar Menen te halen.
  • in overleg te gaan met onze buurgemeenten en het Vlaams Gewest om het fiets-woon-werkverkeer tussen Menen en zijn omgeving kwalitatief te verbeteren.
  • in te zetten op een netwerk van slimme wandel - en fietsdoorsteken zodat kinderen zelfstandig en veilig op hun school of geraken maar evengoed volwassenen aangemoedigd worden om de fiets als een volwaardig vervoermiddel te ontdekken.
  • in overleg te gaan met de Lijn zodat we elke Menenaar een adequaat openbaar vervoer tussen de woonkernen kunnen garanderen.
  • door autodelen te promoten. Delen is het nieuwe hebben en dat geldt zeker voor een dure investering zoals de auto. Minder auto’s betekent ook minder nood aan parkeerplaatsen en meer ruimte om leuke dingen te doen. We halen algemene en particuliere autodeelsystemen naar Menen en geven het goede voorbeeld door dienstwagens van het stadsbestuur ter beschikking te stellen.
  • het delen van voorbehouden parkeerplaatsen (vóór garages, in gedeelde parkeergarages enz... ) in de stad promoten. “Share my park” is één van de slimme manieren om dat te doen.
  • te investeren in duidelijke en goed onderhouden verkeerssignalisatie. We pakken de wildgroei aan borden en bewegwijzering in de publieke ruimte aan door het politiereglement consequent toe te passen.

 


6. De jeugd telt mee


Jeugdbeleid is veel meer dan het ondersteunen van het jeugdwerk.


Menen telt 7400 0-17 jarigen en ongeveer 10.000 inwoners van 25 jaar of jonger. Dat is bijna 1 op 3 van de totale inwoners. Zij verdienen jeugdwerk en vrijetijdsaanbod dat aansluit bij hun noden en behoeften.

De vele jeugd- en jongerenverenigingen doen schitterend werk, maar het kan niet dat ze er alleen voor staan. Lokale overheden hebben de opdracht jeugdverenigingen zo goed mogelijk te ondersteunen.

Jeugdbeleid is veel meer dan het ondersteunen van het jeugdwerk. Jeugdbeleid moet verweven zitten in elk aspect van het stadsbeleid: ruimtelijke ordening, mobiliteit, armoedebestrijding, sport, cultuur, groenbeheer,...

De kwaliteit van het jeugdbeleid kan gemeten worden als de jongeren volwassen worden. Wie een leuke kindertijd heeft gehad in Menen; wie er zijn vriendenkring heeft opgebouwd; wie er zijn lief heeft leren kennen; wie Menen heeft ervaren als een leuke stad om op te groeien.. zal geneigd zijn om hier zijn of haar leven verder uit te bouwen.

Wij gaan voor:

  • De oprichting van een geprofessionaliseerd jeugdhuis in deelgemeente Menen voor 16 tot 25 jarigen. Met als doel het aanbieden van een zinvolle vrijetijdsbesteding in het weekend en op woensdagmiddag. Waar jongeren kunnen uitgaan, feesten, samenzijn met vrienden, maar ook leren om hun talenten ontwikkelen. Met beroepskrachten die een vrijwilligersgroep ondersteuning en jeugdopbouwwerk voorzien in kwetsbare wijken.
     
  • Een kwalitatieve en snelle oplossing voor de problematiek van de jeugdlokalen. Het probleem dat meerdere jeugdlokalen in verouderde, niet veilige, energieverslindende lokalen zitten is er niet van vandaag. Het is wel een probleem dat veel te laat aangepakt wordt. Wij pleiten voor een snelle start van de uitwerkingen van de plannen.
    Wij willen dit doen
    • via een subsidiëring door de stad van 80 tot 90% van de noodzakelijke middelen.
    • met een maximum van 150 000 euro.
    • met een rol voor het AGB om prefinanciering te voorzien, zodat ze niet moeten wachten op de subsidies om met de werken te starten.
    • op voorwaarde dat de jeugdwerking nog minstens 15 jaar rechtzekerheid op zijn gebouw.
       
  • Een stad die op alle vlakken rekening houdt met jongeren. Niet enkel de schepen van Jeugd moet bezig met jeugdbeleid, maar bij iedere beleidsbeslissing moet rekening gehouden worden met jongeren. Cultuur, mobiliteit, ruimtelijke ordening, onderwijs, sport, economie, milieu, welzijn … al deze beleidsdomeinen hebben impact op jongeren.

Als we willen dat jonge gezinnen met kinderen in onze stad willen komen/blijven wonen moeten we hier meer op inzetten.
Dat doen we onder meer door het label jeugd- en kindvriendelijke gemeente te ambiëren. Alle beleidsbeslissingen worden dan onderworpen aan de kind- en jongerentoets.

 



7. Economie en Landbouw


Aan de slag (lokale economie en landbouw)


Wie initiatief neemt moet kansen krijgen. Het gemeentebestuur ondersteunt de lokale economie en de lokale landbouw. In uitdagende tijden zijn zij het model van de toekomst. KMO’s, zelfstandigen, kwaliteitsvolle, familiale en lokale landbouw moeten zich kunnen ontplooien en een duurzame, economische toekomst kunnen uitbouwen. Ook vernieuwende vormen zoals coöperatieve structuren, start-ups en pop-ups moeten kunnen experimenteren en bloeien.

We zetten in op levendige en bedrijvige kernen.  Een mix van handelaars, horeca, makers, vrije beroepen, kunstenaars en diensten zorgt voor een bruisende kern. We roepen de bouw van baanwinkels, shoppingcentra en handelszaken in de rand een halt toe. Je krijgt ruimte om te ondernemen in de kern of op duurzame en goed bereikbare bedrijventerreinen. Door efficiënt ruimtegebruik en verdichting moeten we hiervoor geen nieuwe open ruimte aansnijden.  

We doen dit als volgt: 

  • Versterken van lokale en circulaire keteneconomie
  • Reconversie van bestaande leegstaande of onderbenutte industriële sites naar KMO en lokale dienstencentra.
  • Kernversterkend winkelbeleid: Een vestigingssubsidie buurtwinkels
  • Promotie van werken in eigen streek
  • Faciliteren van pop-up locaties via gemeentelijke of privé kanalen
  • Promotie en aanmoediging van de lokale horeca
  • We willen de Economische Raad terug doen opleven
  • Een ambitieus landbouwplan
    • Behoud van kwalitatieve landbouwgrond
    • Opzetten van een lokale, coöperatieve markt voor lokale producenten
    • Stimuleren en versterken van thuisverkoop
    • Installeren van een landbouwraad
    • Kansen voor landbouwers die familiaal & duurzaam werken
    • Aanpak van de erosieproblematiek om vruchtbare grond te conserveren
    • Verzoenen van natuur & landbouwuitdagingen
    • Tegengaan van voedselverspilling

 


8. Duurzaamheid


Menen, duurzame stad


Het gaat niet goed met de planeet en daar zijn we allen verantwoordelijk voor: burgers, bedrijven en ook de overheid. Groen Menen wil ervoor zorgen dat onze stad een voorloper wordt inzake duurzaamheid.

Groen zet in op een duurzamer Menen door:

  • de aanwerving van een duurzaamheidsambtenaar die deel uitmaakt van het managementteam (MAT) en elke beleidsbeslissing screent en adviseert mbt duurzaamheid. Die ook financiële middelen (Europees, federaal, Vlaams e.a) naar Menen haalt om de stad en zijn bewoners te begeleiden doorheen de noodzakelijke transitie.
  • Met de stad mee actief inzetten op duurzame acties zoals “dagen zonder vlees”,  “Plastic-Attack”, “Earth Hour”, “Week van de mobiliteit”, ….
  • Wekelijks minimum 1X vegetarisch eten voorzien in door de stad voorziene maaltijden (gemeentescholen, dienstencentra, woon- en zorgcentra)
  • Het klimaatneutraal maken van eigen gebouwen
  • Zonne-delen onder particulieren stimuleren.
  • het stimuleren van korte-keten-initiatieven (boerenmarkt, plukboerderij, volkstuintjes;...)
  • Minder privaat autobezit door in te zetten op autodelen, zowel door een privaat autodeelsysteem, het delen van rollend materieel in de eigen stad, als het stimuleren van particulier autodelen.
  • Duurzame initiatieven kansen geven (repair-cafés, geefpleinen, rommelmarkten, fietsdelen, …)
  • Het vergroenen van het eigen wagenpark
  • een grotere deskundigheid inzake openbaar groenbeleid
  • Duurzame lokale handel promoten
  • Het verplichten van herbruikbare bekers bij evenementen, en dit als stad ondersteunen.

9. Groene Stad


Groen en ruimtelijke ordening


Inzetten op een groene stad is een noodzaak. Steden met veel groen zijn aangenamer dan steden met minder groen. Bovendien verandert het klimaat. Dat staat vast. De winters worden kouder en de zomers droger en heter. Vooral die droge en hete zomers zijn een probleem voor de mens en voor fauna en flora. Ze genereren ook ontegensprekelijk een aanzienlijk negatief effect op de economie.  

We stellen vast dat de aangekondigde betonstop voor 2040 leidt tot het sneller aansnijden van open gebied in zogenaamde woonuitbreidingsgebieden. Op die manier gaat niet enkel vruchtbare landbouwgrond verloren, maar is er in Menen tegen 2040 geen open ruimte meer over.

Menen heeft nooit op een adequate manier gebruik gemaakt van de overgangsperiode (2005), die het verbod op het gebruik van pesticiden op het openbaar domein (2015) voorafging. Daardoor heeft de kwaliteit van het openbaar groen in Menen een zichtbare achterstand opgelopen. Nochtans is er veel potentieel. Menen telt tientallen pleintjes en parkjes, die jammer genoeg op een zeer bedenkelijke manier zijn ingericht. Ze nodigen de omwonenden helemaal niet uit om er gebruik van te maken. Ze dragen weinig bij tot hun welzijn. Integendeel.

Hét type voorbeeld is Lauweplaats, waar tientallen auto’s zich rond het monument van de gesneuvelden verdringen.  Maar er is ook het pleintje op de hoek van de Bruggestraat en ‘t Voske in Menen, het Deken Darrasplein in Lauwe en tal van andere locaties, die veel beter kunnen.  We maken een inventaris van de toestand van de publieke ruimte en maken een planning op om die zichtbaar en voelbaar aangenamer te maken. We zetten ook in op de herinrichting en vergroening van de begraafplaatsen. We laten ons hiervoor begeleiden door de Vlaamse Vereniging van Openbaar Groen.

We moeten zorgzaam omgaan met onze ruimte. We willen de open ruimte bewaren en meer doen met de ‘verharde ruimte’ waarover we beschikken (slimme verdichting).

We combineren sterke kernen met aandacht voor open en groene ruimte in de directe omgeving en een aangename, veilige publieke ruimte. We gaan resoluut voor een betere beeldkwaliteit. Daarbij is het belangrijk om rekening te houden  met stadszichten en voldoende groene rustpunten.

Grote, centraal gelegen percelen (vlakbij station, scholen, winkels,..) worden omgeturnd tot woongebied. Daarin stimuleren we een diversiteit aan woonvormen waarin we ook opteren voor een goede sociale mix. Bij de (her)inrichting gebruiken we de ouderentoets/kindertoets. Wat goed is voor de minst validen of de kleinsten onder ons, is goed voor iedereen.

De betonstop!

  • géén nieuwe woonuitbreidingen in Menen. Bouwen kan enkel via renovatie van bestaande panden en door grote en kleine wooninbreidingsprojecten.
  • nieuwe industrie of nijverheid is, onder duidelijke voorwaarden, enkel nog mogelijk op bestaande sites. Handen af van de resterende open ruimte. We hebben die ruimte nodig als landbouwgrond, als (water- geluids- of visuele) buffer, als natuurgebied,...

Vergroenen, ontharden,... 

  • maximale infiltratie en buffering van hemel- en oppervlaktewater door het netwerk van blauw-groene netwerk (grachten, natuurlijke buffers en waterlopen,...) te beschermen, te herwaarderen en uit te breiden
  • waterdoorlatende verharding in de publieke ruimte én de publieke ruimte. Dat doen we bv door 10% tot 25% wegoppervlak infiltreerbaar te maken bij de heraanleg van wegen en de oorlog te verklaren aan de Vlaamse koterij.
    meer groendaken, regenwaterputten,...
  • bomen tegen fijn stof, voor meer schaduw en ter versterking van de lokale fauna. We vertrekken vanuit het principe “de juiste boom op de juiste plaats”. Op die manier vermijden we nodeloos en duur snoeiwerk, een resultaat dat geen enkele ecologische meerwaarde biedt en er bovendien niet uit ziet. 
  • het verluchten van buurten met een té dicht woonweefsel. Dat doen we door kleine, verkrotte woningen af te breken en nieuwe, leuke, groene hoekjes te creëren die op straatniveau uitnodigen tot ontmoeting

Bijenvriendelijke gemeente

Insecten leveren een heel grote bijdrage aan onze samenleving. Bestuiving door insecten is noodzakelijk voor meer dan 75% van de voedingsgewassen. Honingbijen, solitaire bijen en hommels zijn dé bestuivers bij uitstek. Het zijn onmisbare schakels in de voedselketen. Ze verdienen daarom onze bijzondere aandacht en onze bescherming.

We doen dat door

  • zelf een ecologisch verantwoord berm- en openbaar groenbeheer toe te passen;
  • een rijk habitat aan stuifmeel- en nectarbronnen te garanderen via aanplantingen in de publieke ruimte;
  • het actief promoten van insectenvriendelijke (stads)tuinen;
    het insectenvriendelijk inrichten van onbebouwde percelen in overleg en in samenwerking met de eigenaars;
  • in te zetten op een bijenvriendelijke stadsrand samen met de landbouwers en de imkers;
  • een stedelijke werkgroep “Bijenvriendelijke Gemeente” te organiseren, die de Menense imkers een actieve rol toebedeelt bij  de (her)inrichting van de publieke ruimte en bewustmakingscampagnes (ontradingscampagnes particulier gebruik van pesticiden, Week van de Bij, e.a.)